woensdag 27 mei 2009

Laatste kijkdag, laatste stageblog!

Jaaaa dit is mijn laatste stageblog van dit jaar:)
Vandaag heb ik bij Renske en Nynke gekeken op het St. Bonifatius college in Utrecht!
Renske startte op met twee atheneum, ze begon precies hetzelfde als in het filmpje van vorige week bij stagereflectie, grappig om te zien. Ze herhaalde wat blueskenmerken, heeft de 'turn around' uitgelegd en voorgespeeld, liet de leerlingen meetellen bij een nummer van Eric Claption om de puls te voelen en heeft ze dingen laten ontdekken zoals de 'blue note' en eenvoudige melodie. 
Wat is het toch handig als je met z'n tweeën stage loopt! Nynke ging met de helft van de groep in een hok de pianopartij oefenen, Renske bleef bij de groep die een tekst en melodie ging schrijven. De klas was soms best druk maar ze waren erg goed bezig, Renske was zelf ook blij verrast. 
Tot slot werden twee begeleiders en twee zangers bij elkaar gevoegd en oefenden ze nog even. Stiekem vonden ze het allemaal erg leuk! Ik wil volgend jaar ook zo'n blues project doen, heb het ook al bij Marijn gezien, het is zoepah tooohllll.
Hilarisch moment: Een leerling zette een pianodemo aan, Marion begon moves te maken en het groepje ging een beetje meedansen, toen kwam Renske er nog bij en stuurde ze al dansend naar hun plaatsen terug, NICE!
Nynke had een twee havo klas. Ze begon met het aankondigen van de zangtoets en de criteria. Daarna warmde ze op met de leerlingen. (die 'Ha-oefening' werkt bij elke klas, ideaal)
Vervolgens legde ze uit dat zij de dirigent was terwijl de klas Sweet Goodbyes zou gaan zingen. 
Renske begeleide op de piano. Ze begonnen met zingen, en IEDEREEN zong mee op z'n best, dus ook alle jongens. Ze zongen zuiver en gingen ook echt zachter en harder. WAUW, het was zo'n mooi moment! Ik kreeg serieus kippenvel. 
De klas heeft daarna voor een cijfer gezongen. Marion heeft wel een keer ingegrepen toen de klas druk was, vond ik een beetje jammer omdat Nynke het best zelf op kon lossen, dat liet ze daarna ook zien. 
Hilarisch moment: Voor het inzingen zei Nynke: 'Als sporter ga je ook niet meteen de marathon lopen'...vond ik grappig:)
Renske en Nynke hebben de klas allebei complimenten gegeven over hun inzet, erg belangrijk. 

Wat ik goed vond en wat ik ook ga onthouden is dat het de laatste muziekles in elke klas open podium is. Als leerlingen een instrument spelen, samen willen zingen of bijvoorbeeld een dansje willen doen kan dat. Zo kunnen muzikale leerlingen met een hoger niveau zich ook eens laten horen en een kick ervaren. (Ja ik verwijs nu toch even naar mijn Essay: Voor Rik zou zoiets erg leuk zijn geweest!)

Lieve klas, ik vond het afgelopen semester weer zo tof en leerzaam, en zonder jullie allemaal was het lang niet zo leuk geweest. Ik verheug me al op de komende jaren!

dinsdag 26 mei 2009

Column

Laatst zat ik thuis aan tafel zelfgemaakte pizza te eten, heerlijk. Ik vroeg aan mijn ouders: ‘aten jullie dit vroeger ook wel eens?’ Dat bleek niet het geval te zijn.
Vroeger was het alleen aardappelen, groenten en vlees. Soep vooraf gebeurde regelmatig maar macaroni was een uitzondering.
En dat terwijl de doorsnee Nederlander tegenwoordig dagelijks wereldgerechten klaarmaakt.
Ik realiseerde me weer hoe alles kan veranderen in een razend tempo.
Ook in de muziek is het nauwelijks meer bij te houden.
Vroeger was Elvis DE King of Rock ’n Roll en was je voor The Beatles óf  voor The Rolling Stones.
Naar mijn weten zijn er al lang geen bands meer geweest die zo populair en verschillend waren dat iedereen er naar luisterde en er een tweedeling in het luisterpubliek ontstond.
Als je nu een reclamespotje van een auto op tv ziet en er een muziekje achter zet van een flard van Woodstock uit de jaren 70, schijnen de consumenten van die generatie nostalgische gevoelens te krijgen en de auto sneller te kopen.
Wanneer reclamemakers over dertig jaar achtergrondmuziek uit deze tijd zoeken voor een reclamespotje om mijn generatie aan te spreken, welke artiest moeten ze dan kiezen?
Er is nu zó veel muziekaanbod dat je soms uit gekkigheid niet meer weet waar je naar moet luisteren.
Vroeger draaide je een plaat helemaal grijs. Tegenwoordig tik je een nieuwe artiest in op Youtube, je luistert een minuutje en dan is het wel weer genoeg, die andere gast wilde je ook nog horen.
En als je dan helemaal wild bent van een muzikant en naar een concert toe gaat loop je ook nog eens de kans dat het nergens naar klinkt omdat er op de cd gerotzooid is met allerlei technische foefjes om de sound presentabel te maken.
Vroeger was het beter. 

 



Geschreven naar aanleiding van de stelling:
‘Vroeger was de muziekcultuur beter.’

Nav. het artikel van Barend Wijtman ‘zwei herzen in dreivierteltakt’. Detail: Jongeren heb de rust niet meer om aandachtig naar (klassieke) muziek te luisteren. Het is wel mooi maar snel saai.

Extra artikel:
‘De muziek was vroeger veel beter’ door Mieke Zijlmans, 17 oktober 1998, bijgewerkt op 16 januari 2009.
volkskrant.nl


Essay: Kunde, kennis of kick?

Vroeger was het beter. Zo besloot ik mijn column.
Het muziekonderwijs was echter niet per definitie beter. Job ter Steege heeft in het artikel ‘Kick, kennis en kunde’ een algemeen beeld beschreven van de ontwikkelingen binnen het muziekonderwijs in Nederland:
Rond 1900 richtte Willem Gehrels de volksmuziekschool op. De doelstelling was dat muzieklessen bereikbaar moesten zijn voor ieder kind. Gehrels richtte zich op ‘kunde’, de ambacht van de Europese muziekcultuur was belangrijk.
Ad Heerkens, van een generatie later, vond dat bij muziekonderwijs de wereld van het kind het uitgangspunt moest zijn. Heerkens richtte zich op de ‘kick’, de vrije expressie vanuit het kind was belangrijk.
Deze twee muziekpedagogen stonden tegenover elkaar. Toch hadden ze volgend ter Steege de ‘kennis’ gemeen. Bij Gehrels was het de kennis van de klassieke muziekgeschiedenis, bij Heerkens ging het om de kennis van het muzikaal-maatschappelijk engagement.
In 1971 werden er vernieuwingen aangekondigd en ingevoerd zoals muziek als eindexamenvak, het gebruik van grafische notatie, meer popmuziek, muziek als maatschappelijk verschijnsel en transformatie van muziek naar andere kunstvormen. Deze omslag bracht echter nauwelijks veranderingen teweeg in de praktijk. Vooral niet op de basisschool.
In 1980 werd er in het voortgezet onderwijs over het algemeen nog geen goed muziekonderwijs aangeboden en de meeste leerkrachten die van de PABO kwamen konden geen fatsoenlijke muziekles aan leerlingen van de basisschool geven. 
In de tachtiger en negentiger jaren zijn de ontwikkelingen pas uit de verf gekomen. Bovenstaande doelen werden beter toegepast, CKV werd ingevoerd en er verschenen goede muziekmethodes. De kwaliteit van het muziekonderwijs ging eindelijk vooruit.

Ik nam geen genoegen met deze historische schets en heb besloten zelf twee generaties te ondervragen over hun ervaringen met muziek:

Mijn vader en mijn moeder zijn rond 1950 geboren.
Voor mijn moeder bestond muziekles op de basisschool uit zingen. De vaste leerkracht gaf de ‘muziekles’ maar af en toe kwam de leraar uit de vijfde klas even langs, die kon het beste zingen.
Op de middelbare school was er een muziekdocent. ‘Ik kan me nog herinneren dat we wel eens naar muziek moesten luisteren, meer is er niet echt blijven hangen’.
In de vijfde klas van de basisschool is ze zelf naar de muziekschool gegaan. Daar leerde ze zingen, noten lezen aan de hand van een blokfluit en ritmische patronen klappen. Toen de basis gelegd was mocht ze een instrument kiezen, zes jaar pianoles volgden.

Mijn vader kan zich het eerste liedje op de kleuterschool nog herinneren en zingt: ‘Drie kleine kleutertjes die zaten op een hek...ik zag het helemaal voor me en vond het prachtig!’ De nonnen die werkzaam waren binnen de school zongen veel met de leerlingen. Ook de rest van de basisschoolperiode werd er elke dag gezongen. Vanaf de derde klas kwam de dirigent van het dorpskoor muziekles geven. Ze leerden noten lezen, ritme klappen en zingen. ‘Ik vond het een vervelende man’.
Mijn vader werd uitgekozen voor het kerkkoor waar hij sopraan zong. Er werden eenvoudige klassieke stukken van bijvoorbeeld Mozart gezongen.
Daarna is hij naar het Seminarie gegaan (een katholiek internaat voor jongens die priester willen worden). Eén uur per week kreeg hij muziekles. Ze zongen, kregen muziekgeschiedenis en luisterden veel naar ‘beeldende muziek’ waar ze uitleg bij kregen. Alles was klassiek gericht.
Elk jaar was er dan nog een muziekconcours. Iedere klas deed gezamenlijk een zangstuk maar er waren ook categorieën als: solo en duetten. Het merendeel was ook hier klassiek maar er werd ook moderne muziek gezongen en grappige sketches waren geen uitzondering. Het concours was niet het enige, een aantal keer per jaar was er ook nog een schoolconcert.

Rik is rond 1994 geboren: Op de basisschool ging zijn klas wel eens zingen met iemand die daar speciaal voor langskwam. Met de eigen docent zongen ze ook wel eens.
Toen ik vroeg naar tekenen op muziek kwam er een vage herinnering boven, maar veel meer dan zingen was het niet.
Op de middelbare school leerde hij noten lezen, een beetje gitaar spelen, piano en zingen. Hij vond het niet leuk. De theorie was voor hem vrij eenvoudig omdat Rik al een aantal jaren met saxofoon begonnen was. In de les kon hij niks met zijn saxofoon doen. Hij heeft muziek na drie jaar laten vallen.

Mijn broertje Jan is in 1993 geboren. Op de basisschool heeft hij erg veel gezongen, ook meerstemmig en in canon. Hij heeft lier en blokfluit leren spelen en zelf een blokfluit gemaakt. Ook noten lezen is aan de orde gekomen.
Op de middelbare school zongen ze allemaal in het schoolkoor en in de klas.
Ze luisterden af en toe naar klassieke muziek, leerden een beetje drum en piano, mochten zelf muziek bij beeldmateriaal uitzoeken en zelf een nummer schrijven. Jan heeft muziek als CKV3 vak gekozen. Hij krijgt nu wat muziekgeschiedenis en koorzang ‘Maar meestal gebeurt er niet zo veel in de les.’

Ik vind het toch enigszins teleurstellend om deze vier verhaaltjes naast elkaar te leggen en te constateren dat de verandering minder groot is dan ik verwacht had. Met zo’n klein onderzoekje kan ik niet anders dan generaliserende uitspraken doen maar naar mijn idee is het nog niet bijster goed gesteld met het muziekonderwijs in Nederland.
Ik heb het idee dat muziekles pas echt serieus genomen wordt als het als keuzevak onderwezen wordt.
Wel ben ik van mening dat muzieklessen veelzijdiger zijn geworden. Vroeger was het vooral zingen en erg klassiek gericht, tegenwoordig is de afwisseling groter en wordt er meer aandacht geschonken aan popmuziek en muziekinstrumenten.

Terug naar de kennis, kunde en kick waar Job ter Steege over schreef.
Hij is van mening dat in een ideale muziekles deze drie begrippen aan bod komen.
-kick (muziek is leuk, je hebt er plezier in)
-kennis (snappen dat muziek van iedereen is, veel dingen weten)
-kunde (muziek kunnen maken en begrijpen)

Ik deel de mening van ter Steege, deze drie zaken zijn allemaal belangrijk en horen aan de orde te komen. Echter als er maar één les uur wordt gegeven is het naar mijn idee niet verkeerd om af en toe kennis, kunde, óf kick voorop te stellen. Dan ben je in staat de diepte in te gaan en niet oppervlakkig te blijven. Ik neem de begrippen iets breder.
Rest nog de vraag of één van de drie begrippen belangrijker is.
Gelijkwaardig, dat zijn kennis, kunde en kick. Ze kunnen niet zonder elkaar en zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden, het een resulteert in het ander. Ik citeer hierbij uit Kenza’s blog. Zij heeft de verbinding gelegd tussen de drie termen en het ARCS model:

‘Om kennis tot je te kunnen nemen heb je aandacht (Attention) nodig. Zonder aandacht gaat informatie, kennis, het ene oor in en het andere oor ook weer uit.
Wanneer vind je informatie interessant? Als duidelijk wordt waarom informatie relevant is. ‘Waarom heb ik dit nodig?’ ‘Vind ik dit leuk?’ en ‘Moet ik hier later nog iets mee?’ zijn vragen die je jezelf stelt (Relevance).
Als je dan eenmaal die kennis hebt is het prettig om daar daadwerkelijk iets mee te kunnen. Je past je kennis toe op iets dat je gaat doen. Als dat lukt kun je iets: kunde. Wat resulteert in het prachtige gevoel zelfvertrouwen (Confidence).
Met dit verworven zelfvertrouwen ben je bereid jouw kunnen te laten zien. Als dit succesvol gebeurt geeft dit voldoening (Satisfaction). Anders gezegd, dat geeft een kick!’

Bij dit citaat sluit ik mij volledig aan.
Nou vond ik het alleen zo jammer dat Rik muziek heeft laten vallen omdat hij het in de onderbouw niet leuk vond. De kick heeft hij duidelijk niet overtuigend ervaren.

Ik denk dat het in de onderbouw vooral belangrijk is dat muziek leerlingen grijpt. De kick is de meest stimulerende factor binnen de muziek om door te gaan.
Als docent kook je voor de kinderen, je schotelt ze een gerecht voor. Als ze het lekker vinden is de kans groter dat ze zelf ook willen leren koken:
Zet kick in eerste instantie (bijvoorbeeld de eerste lessen) op de eerste plaats. Als je de leerlingen dan hebt weten te enthousiasmeren is de kennis en kunde die bij muziek komt kijken interessanter.

Ik ga in de onderbouw dus voor de volgorde kick, kennis en kunde.
Mijn conclusie voldoet ongetwijfeld aan het verwachtingspatroon: Uiteindelijk zijn ze toch allemaal even belangrijk!

1381 woorden.

Bronvermelding:

ReaderàJob ter Steege: Kick, kennis en kunde
Blog Kenza
àKenzakarin.blogspot.com
Kort interview Ton, Gerdie, Rik en Jan
 



woensdag 20 mei 2009

Kijken in Nieuwegein en refelectie

Ik heb mijn kijkronde vandaag voortgezet in Nieuwegein. Daar geven Kenza en Kim les op het Oosterlicht College. Christian kwam vandaag ook kijken dus het was een drukke boel achterin de klas.
En niet alleen achterin de klas, ik bevestig bij deze even de verhalen. Die kinderen zijn echt druk ja!
Kenza begon met de eerste 100 minuten (!) De les was superleuk! Eerst heeft ze de Nederpop behandelt , daarna hebben ze 'This ain't gonna work' van Alain Clark gezongen (ik mocht begeleiden) en tot slot zijn ze in viertallen begonnen om een presentatie te maken over een artiest/band.
Kim heeft later dezelfde les gegeven. In haar klas zaten vooral stuiterkindjes: op het moment dat ze 'Kom van dat dak af' aanzette ging het dak er bij sommigen ook echt af. ENERGY!
Ik vind dat ze allebei goed voor de groep staan. Er is een groot verschil! Kenza heeft al in haar hoofd dat de groep druk kan worden en is best streng, Kim weer wat minder, die vraagt: waarom doen jullie dat nou? en lijkt dan oprecht verbaast over hun gedrag. Formuleer ik dit goed meisjes?
Wederom erg leuk om twee lessen te bekijken!

Reflectie:
-Als je een lied zingt, neem dan je moment. Daarna kun je weer de juf/meester zijn!
-Leerlingen gaan iets vaak pas leuk vinden als ze de relevantie van een opdracht inzien en als er succesmomenten zijn.
-Renske had het aan het begin van haar les over een opdracht van een aantal weken geleden, daar zouden ze nu weer mee verdergaan. De leerlingen werden hier onrustig van: Je kunt de aandacht dus verliezen door een herinnering. De leerlingen gaan met elkaar kletsen: 'hoe was dat toen ook alweer? wat moeten we nu doen?' enz.
-Bij een instructie is een stappenplan goed. Als je ze een blaadje geeft met bv. akkoorden en een schema van blues dan kunnen ze daar zelf mee aan de slag. Belangrijk is ze dan duidelijk te maken hoe ze het moeten aanpakken.

Motivatiemodel:

Aandacht
Het is belangrijk de aandacht te trekken en vast te houden van de leerlingen.

Relevantie
Leren dient relevant te zijn voor de leerling (dat is iets anders dan 'leuk' vinden)

Zelfvertrouwen
Het versterkt het zelfvertrouwen als men het geleerde succesvol in de praktijk kan brengen.

Voldoening
De persoon die leert dient een mogelijkheid te krijgen zijn of haar nieuw verworven vaardigheden te demonstreren en positieve erkenning te krijgen voor zijn of haar prestaties.


woensdag 13 mei 2009

Meekijken in Amersfoort, een klein lesje en reflectie!

Oelala, om 6.15 uur opstaan was ik even niet meer gewend maar het viel me gelukkig reuze mee!
Zoals jullie weten is mijn stage al voorbij. Vandaag ben ik dan ook begonnen met mijn 'meekijk-ronde'. Ik ben wezen kijken bij Alten, Iris en Marijn op de Amersfoortse Berg. Kon ik ook eindelijk Esther eens zien waar jullie allemaal vast wel over gehoord hebben. (Die zeer strikte docente ja..)
Alten begon met zijn les die ging over reggae in de derde klas. Hij kreeg zeker de aandacht van ze, soms hadden de leerlingen onderonsjes over andere dingen maar dat vond Alten op dat moment niet zo erg. Esther was echter van mening dat als hij dit nu toelaat, ze later sneller over hem heen zullen lopen. Andere opvattingen, spanning! 
In het begin behandelde hij de oorsprong en de kenmerken van reggae, daarna was het de bedoeling dat de leerlingen in groepjes 'Stir it up' gingen instuderen. Helaas was er te weinig tijd dus volgende week gaat Alten verder. Ik kon zien dat dit onderwerp hem zelf ook echt lag, daar wordt een les alleen maar leuker van!

Vervolgens hadden we twee tussenuren: thee, gaap, klets, muziek...hehe! Uiteindelijk was Iris aan de beurt. Die vwo-plus kinderen gedragen zich erg pienter zeg! 
Deze les werd het speelstuk afgemaakt. De klas luisterde goed naar de instructie en ging toen zelf aan de slag om de puntjes op de i te zetten voordat ze voor een cijfer moesten spelen.
Toen het moment daar was blonken de meisjes toch echt het meeste uit in hun prestatie. Eén groep jongens deed het nog aardig maar de andere groep bakte er niet zo veel van. Iris had ze afgelopen lessen al regelmatig gewaarschuwd en heeft ze nu dan ook in overleg met Esther gewoon een 3,5 gegeven. Zelf was ze wat geïrriteerd en vond het verloop vervelend maar het lag niet aan haar, daarover zodadelijk meer. 

Vervolgens kwam er een 1 mavo/havo klas en deze mocht ik delen met Marijn. Dat was erg leuk! Ik heb met ze ingezongen en een canon met ze gedaan die ik al eerder in mijn stage heb gezongen (vaker één en dezelfde les geven kan zijn vruchten afwerpen). Destijds schreef ik op mijn blog dat het erg goed ging, dat was ook zo, maar dit! Ik kreeg er veel meer uit! Iris vroeg aan het eind of ik bewust alleen maar positieve dingen had gezegd maar dat was helemaal niet zo. Die complimenten kwamen gewoon spontaan in me op. Soms denk ik, vind ik dit allemaal wel leuk? Maar als ik dan zo'n les mag geven denk ik, wat is het toch heerlijk. 
Marijn besteedde daarna tijd aan ritme. Klap doorgeven, naklappen, zelf klappen en een zelfbedachte ritmische en melodische canon (erg leuk!). Het enige probleem was dat Marijn net als Iris licht geïrriteerd was doordat de leerlingen niet constant in de puls bleven. Daarover zodadelijk óok meer.

Tot slot gaf Marijn nog de afsluitende les mbt blues. De leerlingen oefenden hun zelfgeschreven blues nog even (2 ll. speelden piano, ongeveer 4 ll. zongen). Daarna voerden ze het om de beurt uit voor de klas. Heel leuk om te zien! Over het algemeen kwamen er echt leuke dingen uit voort!

Meekijken bij klasgenoten is toch best essentieel. Je ziet welke dingen je zelf anders zou doen en aan welke je juist een voorbeeld kunt nemen. 

Hier nog een aantal hoofdpunten uit de reflectie (met ook de doorverwezen punten erin)
-Irritatie: Betrek niet alles op jezelf, als de rest van de klas iets wel kan maar 1 groepje niet, hoeft dit niet aan jou te liggen. Ze hoeven ook niet alles leuk te vinden. 
Probeer persoonlijke irritatie te voorkomen.
Als een groot deel van de groep iets niet kan, vis dan uit waar het aan ligt en neem kleinere stappen. (De puls bij het ritme klappen in Marijns les)
Een competitiespelletje vinden leerlingen vaak leuk, het kan de concentratie verhogen!
-Als een leerling het niet met je eens is, probeer dan niet in een welles/nietes situatie te belanden. (Voorbeeld Anna) Het beste is om uit te leggen waarom je gelijk hebt, dat je de docent bent is geen reden. 
-Laat leerlingen eerst een plan maken voordat ze de instrumenten uit de kast halen. 

Dat was m weer! 

woensdag 6 mei 2009

Stagereflectie 6 mei

Voor de mensen die er niet waren (en natuurlijk ook voor de aanwezigen) hier de belangrijkste punten die besproken zijn met stagereflectie:
- 'Is er een verband tussen de persoonlijke manier van orde houden en de creatieve uiting van de leerlingen?' 
Voorop staat het sleutelwoord: Veiligheid. 
De veilige sfeer kan verdwijnen door negatieve persoonlijk getinte opmerkingen.
- De groei van verbindingen voorin in je hersenen (die leiden tot structuur, vooruitzien, nadenken over consequenties enz.) gaat door tot ongeveer je 25ste. Veel leerlingen hebben met dit soort zaken dus gewoon hulp nodig. 
- Je leert vooral veel als je andere dingen uitprobeert (bv suggesties van anderen). Het is goed buiten je paden te treden en je leerbaar op te stellen, gewoon uitproberen! Dat is alleen maar goed voor het verbreden van je kwaliteiten. 
-Marijn deed een blues met zijn klas. Hoe kun je toonhoogte en houding verbeteren?
Eerst geef je complimenten, daarnaast is je eigen houding ook belangrijk (Enthousiast, actief maar wel ontspannen)
Opdrachten als:' Kijk de klas in, ga ervoor, probeer gelijk te zingen, zing samen' kunnen goed werken. 
-Als je een tip geeft is het goed om deze daarna tot leven te brengen dmv een opdracht. Oftewel, na een tip komt een oefening. 
-Wij mogen deel uitmaken van mensen die midden in hun ontwikkeling zitten. Dat is waardevol!